De Comm Manager stelt de volgende communicatiemethoden beschikbaar:
- Wi-Fi
- GPRS, UMTS of HSDPA2 (EDGE wordt in Nederland niet meer toegepast)
- Inbelverbinding
Wi-Fi
Om een Wi-Fi verbinding te maken moet er een hotspot of ‘Access Point' voor een draadloos netwerk in de buurt zijn. De Comm Manager van Windows Mobile 6.1 gaat zelf op zoek naar zo'n draadloos netwerk en geeft op het scherm een overzicht van alle in de omgeving aangetroffen netwerken. Dat is echter niet genoeg: u moet ook geautoriseerd zijn om toegang te hebben tot een of meer van de draadloze netwerken. Daartoe hebt u van de netwerkbeheerder een digitale sleutel gekregen. Stap voor stap betekent dit:
- Laat Comm Manager zoeken naar draadloze Wi-Fi netwerken in de omgeving
- Selecteer het draadloze netwerk van uw keuze, klik op OK
- Zodra er verbinding is klikt u op Internet
- Voer de sleutel in en klik op Verbinden.
Dit hoeft slechts één keer; de gekozen instellingen worden bewaard, zodat u een volgend maal vrijwel direct - zonder bovenstaande stappen - verbinding krijgt met het netwerk. De status en kwaliteit van de verbinding controleert u als volgt:
- Kies Start >> Instellingen >> open het tabblad Verbindingen
- Open het tabblad Wireless LAN, kies Index
- U ziet met welk netwerk u verbonden bent en wat de signaalsterkte is.
GPRS
GPRS is van oudsher de aanduiding voor draadloze internetverbindingen, die via een SIM-kaart tot stand komen. Daar kan een (trage) GPRS-verbinding achter zitten, maar tegenwoordig eerder een snellere UMTS- of HSDPA2-verbinding. Ons land staat vol met communicatiemasten, zodat u vrijwel zeker kunt zijn van 100% dekking. Daar waar nog geen UMTS of HSDPA2 is, valt uw telefoon automatisch terug naar het langzamere GPRS.
Is het de eerste keer dat u verbinding gaat maken, dan biedt Windows Mobile 6.1 u een handige netwerkwizard, waarmee u eenmalig uw internetverbinding (GPRS, UMTS, HSDPA2, WAP, MMS etc) configureert. Dat wil zeggen: u kiest uw Internet Service Provider, waarna de Netwerkwizard alle bijbehorende instellingen automatisch voor u configureert. Dat gaat als volgt:
- Klik op Start >> Instellingen >> Verbindingen >> Netwerkwizard
- Selecteer het land
- U krijgt een lijst te zien van alle netwerkaanbieders; kies de netwerkaanbieder bij wie uw abonnement loopt (anders gezegd: de netwerkaanbieder, wiens naam of logo op de SIM-kaart staat vermeld)
- Klik op OK
- Bevestig uw keuze door op Ja te tappen
- Sluit de configuratie af via een tap op Opnieuw opstarten.
Wilt u de instellingen handmatig uitvoeren, dan zijn dit de stappen:
- Klik op Start >> Instellingen
- Open het tabblad Verbindingen en kies Verbindingen
- Klik onder Mijn ISP op de optie Een nieuwe modemverbinding toevoegen
- Op het scherm Nieuwe verbinding maken geeft u de verbinding een naam
- In de lijst Kies een modus selecteert u Mobiele verbinding (GPRS)
- Klik op Volgende
- Voer uw gebruikersnaam en wachtwoord in en klik op Voltooien.
Inbellen
Hebt u van uw Internet Service Provider (ISP) een telefoonnummer gekregen, waarop u moet inbellen om een internetverbinding te maken, doe dan het volgende:
- Klik op Start >> Instellingen
- Open het tabblad Verbindingen en kies Verbindingen
- Klik onder Mijn ISP op de optie Een nieuwe modemverbinding toevoegen
- Geef de verbinding een naam
- Selecteer in de modemlijst de optie Mobiele verbinding en klik op Volgende
- Vul het telefoonnummer in van de ISP en klik op Volgende
- Vul uw gebruikersnaam, wachtwoord en eventuele andere informatie in die vereist is
- Klik op Voltooien.
Zodra u een programma start dat toegang zoekt tot het internet (bijvoorbeeld Internet Explorer Mobile), zal het ingebouwde modem automatisch contact leggen met het telefoonnummer van uw ISP.
|