OLE-objecten kunnen op twee manieren worden toegepast. Bij insluiting wordt het object gekopieerd naar het doelbestand en wordt alle functionaliteit meegenomen, zodat u het object altijd kunt aanpassen in een aan het bronbestand aangepaste omgeving. Bij een koppeling blijft er een link bestaan met het bronbestand. Een grafiek, die in Excel is gegenereerd, kan als gekoppeld object in een niet-Excel document worden geplaatst, bijvoorbeeld in een Word-document. Zodra u in Excel de cijfers wijzigt, verandert de grafiek in Word direct mee. Door te dubbelklikken op het grafiekobject (let op de formaatgrepen op de hoekpunten en de werkbalk Grafiek) wordt automatisch de Microsoft Graph-applicatie gestart en is de grafiek te bewerken.
Een andere, wellicht bekendere vorm van koppeling komt u ook tegen bij de Word-functie Afdruk samenvoegen. Het doelbestand, ofwel hoofddocument, is de standaardbrief of het etikettenformulier. Hieraan koppelt u de bron: het gegevensbestand, meestal een Excel- of Access-database. Het bronbestand is te wijzigen wanneer u maar wilt, de wijzigingen worden geactualiseerd zodra u het doelbestand activeert.
De functie Insluiten werkt anders. Voor een presentatie van omzetresultaten in PowerPoint is bijvoorbeeld een gedeelte van een Excel-werkblad met de verkoopcijfers in te sluiten in PowerPoint. U kunt de cijfers dan tot op het laatste moment aanpassen. Door in PowerPoint te dubbelklikken op het object (de verkoopcijfers) wordt Excel geactiveerd, compleet met de menustructuur en de knoppenbalken van Excel. Als aan de verkoopcijfers ook nog een grafiek gekoppeld zit, hebt u dus direct alle middelen tot uw beschikking om de opmaak van de grafiek aan te passen. Zodra deze naar uw zin is, klikt u naast het object, dus in het voorbeeld ergens in het blauw. Daarmee worden de Excel-functies gesloten en keert u terug naar de werkomgeving van PowerPoint.
Wordt het koppelen of insluiten? Aan de insluitmethode kleven voordelen en nadelen. Een voordeel is dat u, zoals in het gegeven voorbeeld, het bronbestand niet mee hoeft te kopiëren naar de pc waarop de presentatie gegeven zal worden. Bij een koppeling is dat wel noodzakelijk. Een nadeel is echter dat veranderingen in de verkoopgegevens in Excel niet door PowerPoint worden overgenomen. De insluitmethode is dan ook niet geschikt voor continue processen. Een ander nadeel is dat het insluiten van objecten een aanzienlijke toename van de bestandsgrootte tot gevolg heeft, in tegenstelling tot bestanden met gekoppelde objecten. Vooral als u bestanden per e-mail verstuurt, kan dit een punt van overweging zijn.
|