Invoeren van getallen
Bij het invoeren van getallen in een werkblad is het belangrijk om de waarde van een getal te scheiden van de opmaak van dat getal. Wanneer u bijvoorbeeld een bedrag 12.345,67 moet typen, dan typt u 12345,67. Het valutateken (euro) en de punt voor de duizendtallen worden automatisch toegevoegd, zodra u de opmaak van de cel bepaalt. In dit voorbeeld is geen sprake van bedragen, maar van aantallen gewerkte uren per werknemer per dag.
- Selecteer cel B2.
- Typ de waarde 8 en druk op Tab.
- Herhaal stap 2 voor de cellen C2 tot en met F2.
Excel herkent uw invoer automatisch als een getal en plaatst deze rechts in de cellen. De eerder getypte namen en dagen van de week werden als tekst herkend en zijn links in de cel geplaatst. Handmatig kunt u (net als in Word) de opmaak aanpassen en de teksten in de cellen bijvoorbeeld rechts uitlijnen in plaats van links.
Erik Smits werkt slechts halve dagen, dus 4 uur per dag en hij heeft vrijdag vrij. U kunt dit heel snel invoeren:
- Klik in cel B3 en houd de muisknop ingedrukt.
- Sleep naar cel E3 en selecteer zo het cellenbereik B3:E3.
- Typ het getal 4.
- Bevestig de invoer met de toetscombinatie nu niet met Enter maar met Ctrl+Enter.
Noteer ook voor de overige werknemers een aantal waarden.
Invoeren van formules
In het model moet het totaal aantal gewerkte uren per werknemer worden berekend. Dat gebeurt met formules. De formule voor Jan Boskamp ziet er als volgt uit:
=B2+C2+D2+E2+F2
U kunt deze formule als volgt invoeren:
- Selecteer de cel G2.
- Vervolgens geeft u aan dat u een formule gaat maken door het is-gelijk-teken te typen, dus typ =
- Maak de formule af, dus typ B2+C2+D2+E2+F2
- Druk op Enter.
- Het resultaat van de berekening is 40 en staat in cel G2.
Verander een van de getallen in rij 2 en merk op dat de formule meteen een bijgewerkt resultaat laat zien.
AutoSom
Excel kent mogelijkheden om formules sneller in te voeren. Een functie bevat altijd twee elementen: de functienaam en de argumenten. De meest gebruikte functie in Excel is de functie SOM(). Deze telt waarden bij elkaar op. Het argument van deze functie (het argument is wat er tussen de haakjes staat), geeft van welke cellen de waarden opgeteld moeten worden. De functie om het aantal uren van Jan Boskamp in G2 zou er zo uitzien:
=SOM(B2:F2)
De functie SOM kunt u overigens snel maken met de knop AutoSom (Griekse letter Sigma) in de werkbalk Standaard.
- Klik in cel G2 en druk op de Del-toets om de cel leeg te maken.
- Klik op de knop AutoSom in de werkbalk Standaard.
- Excel is slim en suggereert automatisch om de B2 tot en met F2 als argument in de som-functie te noteren.
- Druk op Enter om de formule te bevestigen.
Een andere manier is om eerst het cellenbereik te selecteren en dan pas op de knop AutoSom te klikken:
- Selecteer het cellenbereik B3:G3 en klik op AutoSom.
- Herhaal dit voor het bereik B4:G4.
- Herhaal dit voor het bereik B5:G5.
- Herhaal dit voor het bereik B6:G6.
Maak nu een weektotaal voor alle werknemers in cel G7:
- Selecteer het cellenbereik G2:G7 en klik op AutoSom.
Meer over formules
Met formules kunt u waarden optellen, vermenigvuldigen, delen en aftrekken door gebruik te maken van bekende rekenkundige operatoren:
|
Operator |
Beschrijving |
|
+ |
optellen |
|
- |
aftrekken |
|
* |
vermenigvuldigen |
|
/ |
delen |
|
^ |
machtsverheffen |
De rekenvolgorde volgens Mijnheer van Dalen Wacht Op Antwoord (dus eerst Machtsverheffen, dan Vermenigvuldigen, Delen, Worteltrekken, Optellen en Aftrekken) is ook in Excel van toepassing. En berekeningen tussen haakjes hebben de hoogste voorrang:
|