 |
 |  |  | |  | Door een 'formulier' op uw website te plaatsen maakt u uw website interactief. Uw klanten kunnen reageren op wat ze op uw website aantreffen, ze kunnen meedoen aan een enquête, orders plaatsen enzovoort.
In dit artikel gaat u aan de slag met FrontPage 2002 of 2003, zonder dat u iets van de webtaal HTML hoeft te weten: u maakt een webpagina die u op het internet plaatst of op uw server. Op die pagina staan aanvinkknoppen en invulvakken: daar kan de bezoeker zijn informatie kwijt. Onderaan de pagina bevindt zich een knop: zodra de bezoeker daarop klikt wordt zijn informatie in een database opgeslagen.
We laten u zien waar deze database te vinden is en hoe u die opent. Uiteraard wordt daarbij gebruikgemaakt van een applicatie die u al kent: Excel. Echter, er worden wel enkele eisen gesteld aan uw (web)omgeving, anders werken de formulieren niet. Daarom wordt aan het eind van dit artikel aandacht besteed aan wat de oorzaken kunnen zijn, als een en ander bij u niet wil werken.
|
|
|  |
 |
 |  |  | Natuurlijk een sjabloon |  | Het programma Microsoft FrontPage biedt de gebruiker die een website wil maken een flink aantal handvatten. Net zoals alle andere Microsoft Office-pakketten heeft ook FrontPage een aantal standaardsjablonen aan boord. Deze sjablonen nemen de gebruiker een hoop werk uit handen. Een paginasjabloon is een vooraf ontworpen pagina die pagina-instellingen, -opmaak en andere elementen kan bevatten. Verschillende standaard paginasjablonen zijn in staat informatie te verzamelen. In dit artikel wordt gewerkt met het sjabloon feedbackformulier.
- Start het programma FrontPage 2002 of 2003.
- De gemakkelijkste weg naar de paginasjablonen is via het Taakvenster. Activeer deze door met de rechtermuisknop in een werkbalk te klikken en vervolgens op de optie Taakvenster te klikken.
- Aan de rechterzijde van het venster verschijnt het Taakvenster.
- Klik op de optie Meer paginasjablonen om een lijst van de interne FrontPage-sjablonen te zien. Dit zijn onder meer:
- bevestigingsformulier
- bibliografie
- feedbackformulier
- fotocollage
- gastenboek
- gebruikersregistratie
- inhoudsopgave
- veelgestelde vragen
- zoekpagina
- Aan de rechterzijde in het dialoogvenster kunt u lezen wat u met de sjabloon kunt doen. In het geval van het feedbackformulier kunt u opmerkingen over uw organisatie of producten verzamelen, die gebruikers op uw website achterlaten. Kies deze sjabloon.
|
|
|  |
 |
 |  |  | Interactieve elementen |  |
De geopende pagina heeft betrekking op opmerkingen, die de bezoeker over de website zou kunnen maken. De pagina bevat verschillende koppelingen en interactieve elementen, die ook voor andere doeleinden, zoals een enquête, wedstrijd of webwinkel, gebruikt kunnen worden:
- Verplaats de muis naar de knop Opmerkingen indienen; in eerdere sjabloonversies van FrontPage heeft deze knop een andere naam en heette deze knop nog Suggestie verzenden.
- Maak het element actief door erop te klikken. Rondom de knop verschijnen vier vierkantjes, hetgeen aangeeft dat deze knop nu actief is.
- Via een rechtsklik op de muis verschijnt het snelmenu behorende bij deze knop.
- Om de interactiviteit en bestaande koppelingen te zien, die aan de knop Opmerkingen indienen of Suggestie verzenden gekoppeld zijn, klikt u op Eigenschappen van formulierveld.
- In het verschijnende dialoogvenster ziet u dat er daadwerkelijk een verzendactie zal plaatsvinden, zodra de gebruiker op de knop Opmerkingen indienen of Suggestie verzenden klikt.
- Verlaat het venster via een klik op het kruisje rechtsboven en open opnieuw het snelmenu bij de knop Opmerkingen indienen of Suggestie verzenden.
- Kies nu in het snelmenu de optie Eigenschappen van formulier, zie afbeelding.
- In het gelijknamige dialoogvenster staat vermeld in welk bestand de invoer van de gebruiker wordt 'opgevangen', namelijk in de map _private en wel in het bestand feedback.txt (in eerdere sjabloonversies form_results.txt).
Zodra de gebruiker een suggestie op de website heeft ingevuld en op de knop Opmerkingen indienen of Suggestie verzenden klikt, wordt de inhoud van de invoervakken naar het feedback.txt bestand gekopieerd en daar opgeslagen. Bestaat het bestand nog niet, dan wordt het automatisch aangemaakt.
|
|
|  |
 |
 |  |  | Opslaan op webserver |  | Om dit 'live' te testen en te kijken hoe FrontPage hiermee omgaat, is nu het tijdstip aangebroken waarop u de webserver actief moet maken. Daartoe bewaart u de FrontPage-pagina, zoals die nu op uw scherm staat inclusief eventuele persoonlijke aanpassingen, op uw website of op een andere webserver.
- Kies Bestand >> Opslaan als.
- Achter Bestandsnaam noteert u:
http://www.mijnwebsite.nl/formulier1.htm.
Hierin is mijnwebsite de URL van uw site.
- Klik op Opslaan. Mogelijk zal nu gevraagd worden om uw gebruikersnaam en wachtwoord op te geven; immers, u moet geautoriseerd zijn om uw website te wijzigen. U mag de pagina ook opslaan in een map op een webserver in uw netwerk, bijvoorbeeld:
n:\mywebs\formulier1.htm
- Sluit FrontPage.
|
|
|  |
 |
 |  |  | Testen |  | Om te zien hoe dit werkt doet u het volgende:
- Start Internet Explorer, zoals wanneer u een internetpagina gaat bezoeken.
- Typ in de adresbalk van Internet Explorer de URL en bestemming die u zojuist hebt opgegeven tijdens het opslaan van de pagina:
http://www.mijnwebsite.nl/formulier1.htm
of
n:\mywebs\formulier1.htm
- De pagina verschijnt nu. Vul enkele gegevens in.
- Om het geheel af te sluiten klikt u op de knop Opmerkingen indienen (of Suggestie verzenden). Uw suggestie wordt nu opgeslagen in het tekstbestand feedback.txt.
- Ter bevestiging krijgt u een (Engelstalige) boodschap: 'Form Confirmation'.
U wilt nu zien hoe uw opmerkingen zijn vastgelegd. Daartoe noteert u de volledige URL van het bestand feedback.txt in de adresbalk van Internet Explorer:
- Typ in de adresbalk:
http://www.mijnwebsite.nl/_private/feedback.txt
of:
n:\mywebs\_private\form_results.txt
- Prompt krijgt u een webpagina te zien, met daarin op regel 2 de informatie die u zojuist hebt ingevuld. Regel 1 bevat de veldnamen van de ingevulde rubrieken.
|
|
|  |
 |
 |  |  | Tekstformaat |  | U ziet dat de velden in het bestand feedback.txt gescheiden zijn door komma's. Dit heet een Comma Delimited-bestand. Dergelijke bestanden zijn zonder meer in Excel in te lezen, waarbij de velden netjes in de kolommen van het werkblad komen te staan. Daartoe moet u het bestand als volgt opslaan:
- Terwijl de pagina nog op het scherm staat, kiest u in Internet Explorer voor Bestand >> Opslaan als.
- Kies bij Opslaan als voor Text File of Tekstbestand en geef het bestand een naam en plaats op de vaste schijf C:.
- Open het bestand vervolgens in Excel. Omdat het een tekstbestand betreft moet Excel een conversie uitvoeren; volg de conversie-wizard stap voor stap.
- De eerste regel wordt gebruikt voor de kolomtitels in de eerste rij van het Excel-werkblad.
Standaard staat het tekstbestand in de map _private, een verborgen map op uw website. Deze map is dusdanig beveiligd dat niemand ernaartoe kan bladeren. U kunt de locatie en de bestandsnaam wel wijzigen, maar dit gaat mogelijk ten koste van de veiligheid, dus pas op. Verder kunt u de indeling van het tekstbestand selecteren en opgeven of u wel of niet veldnamen wilt opnemen in de eerste regel. Bovendien kan er een tweede bestand worden opgeven waarin de resultaten worden opgeslagen.
- Open het formulier weer in FrontPage.
- Rechtsklik in het formulier en open het dialoogvenster Eigenschappen van het formulier.
- Klik op Kopiëren naar (in eerdere versies Verzenden naar).
- In het vak Bestandsnaam worden een standaard bestandsnaam en locatie weergegeven. U kunt hier een ander bestand opgeven door de nieuwe naam en locatie in het vak Bestandsnaam te wijzigen of door op Bladeren te klikken om het bestand op te zoeken.
- Meer instellingen kunt u maken door op de knop Opties te klikken en vervolgens het tabblad Bestandsresultaten te openen. Hier kunt u in de lijst Bestandsindeling op de bestandsindeling van het formulierresultatenbestand klikken. Bij Optioneel tweede bestand kunt u een tweede bestand opgeven voor de formulierresultaten. U kunt bijvoorbeeld één resultatenbestand opgeven voor invoer in een database of spreadsheet en een tweede resultatenbestand voor de leesbaarheid en als hulp wanneer u het bestand gaat verwerken. Om een tweede formulierresultatenbestand op te geven, typt u een naam en een locatie in het vak Bestandsnaam of u klikt op Bladeren om het bestand te zoeken.
|
|
|  |
 |
 |
 |
 |
 |
 |  |  | Beschikbaarheid van een server |  | Kunt u niet over webruimte beschikken en gaat u aan de slag op alleen een pc en/of netwerk, dan bestaat de kans dat u tegen een foutmelding aan zult lopen, wanneer u het voorbeeld volgt, het aanpast naar uw eigen wensen en wilt testen. De gemaakte website doet dan niet de dingen die u ervan verwacht.
Het programma kan namelijk melden dat het - om een correcte werking van de sjabloon te garanderen - noodzakelijk is dat er een webserver actief is. In gewoon Nederlands staat hier dus dat u de website actief moet maken op het internet, of - wanneer dit niet direct mogelijk is - dat u de website op een lokale webserver moet publiceren. Dat laatste wil zeggen dat u de website bijvoorbeeld uitprobeert op een Windows Server 2003.
Als die er ook niet is (u hebt alleen uw eigen pc tot uw beschikking), installeer dan een 'virtuele server' op uw eigen pc of notebook. Dan kan bijvoorbeeld met het programma Microsoft Virtual Machine; het is met Virtual Machine mogelijk om een netwerk op een pc te simuleren. Een gewone pc zal naast zijn normale functies gedeeltelijk ook gaan fungeren als een Windows Server 2003 en daar is de site dus lokaal op uit te testen.
|
|
|  |
 |
 |  |  | Andere voorwaarden |  | Om formulieren te kunnen publiceren bent u afhankelijk van de technologie die op de webserver beschikbaar is. Het maakt daarbij niet uit of dit een server is die bij een internet-provider draait of dat u zelf een (echte of virtuele) server hebt draaien. De vereiste technologieën, die de server moet ondersteunen zijn:
- FrontPage-serverextensies (FPSE): dit is een verzameling programma's en scripts die het maken van webpagina's in FrontPage ondersteunen en de functionaliteit van een webserver uitbreiden.
- SharePoint Team Services versie 1.0 of Microsoft Windows SharePoint Services 2.0.
- ASP ofwel de Active Server Pages.
- ISAPI ofwel de Internet Server Application Programming Interface. Dit is een interface voor de ontwikkeling van webservertoepassingen en komt in de plaats van CGI. Als interface kunt u gebruik maken van:
- NSAPI ofwel de Netscape Server Application Programming Interface,
of
- CGI owel de Common Gateway Interface. Dit is een standaardmethode voor het uitbreiden van de webserverfunctionaliteit door het uitvoeren van programma's of scripts op een webserver in antwoord op verzoeken van webbrowsers, bijvoorbeeld bij het verwerken van formulieren.
|
|
|  |
 |
|
 | |