Deze optie houdt eerdere versies van opgeslagen bestanden intact en maakt deze toegankelijk voor gebruikers. Zo kunt u met VSS beschadigde of verwijderde bestanden snel en gemakkelijk herstellen.
Hoe werkt dit? Windows maakt als het ware een schaduwkopie van bestanden aan in gedeelde mappen. De systeembeheerder kan dit instellen op NTFS-volumeniveau. Deze volumes moeten gedeeld zijn of moet mappen bevatten die gedeeld zijn. Is VSS op de server actief dan worden elke werkdag bijvoorbeeld om 12:30 uur en om 24:00 uur schaduwkopieën van de bestanden gemaakt. Uiteraard kunt u de tijdstippen waarop de kopie gemaakt wordt zelf bepalen. De eerste keer dat u een dergelijke schaduwkopie maakt heeft u enkele 100 MB's aan vrije schijfruimte nodig. Om VSS in te schakelen dient u de volgende stappen te nemen:
- Allereerst dient u een map aan te maken op de server waarin de schaduwkopieën worden opgeslagen. Hiervoor dient u als administrator te zijn ingelogd.
- Wanneer de map is aangemaakt dient u deze te delen met een duidelijk herkenbare naam. Ken daartoe aan de map de volgende share-permissie toe:
Administrator Allow: Full Control
- Selecteer in het venster van Windows Verkenner het volume waarvan de schaduwkopie gemaakt dient te worden, teneinde de functie VSS in te schakelen.
- Open daartoe van het desbetreffende volume het venster Eigenschappen (properties) en open het tabblad Shadow Copies.
- In het venster ziet u een aantal volumes staan. In het afgebeelde voorbeeld bevatten alleen de volumes C en F shares (twee op de C-schijf en 3 op de F-schijf).
- Stel, u wilt van het volume F een schaduwkopie maken. Dan selecteert u in het dialoogvenster de F-schijf en vervolgens klikt u op de knop Settings.
- Het dialoogvenster Settings verschijnt.
- Het dialoogvenster geeft mogelijk een waarschuwing dat u bijvoorbeeld minimaal 100 MB schijfruimte nodig heeft om de schaduwkopie op te slaan. In het keuzevak Maximum size, kunt u aangeven hoe groot de directory, die u aan de schaduwkopieën wilt besteden, mag worden.
- In het onderste vak van het dialoogvenster Settings ziet u de knop Schedule.
- Door hierop te klikken verschijnt het dialoogvenster Schedule waarin u kunt bepalen wanneer en waar de server de schaduwkopie maakt. Het venster bestaat uit verschillende onderdelen die we kort zullen bespreken.
- In het bovenste deel van het venster ziet u een tekstregel, die door een systeembeheerder opgegeven is, om de schaduwkopieersessie een herkenbare naam te geven. Door op de knop New te klikken kunt u hier zelf een naam voor de schaduwkopiesessie opgeven.
- Met de Delete-knop verwijdert u alle oude sessienamen. In het keuzevak onder de sessienaam kunt u het tijdstip bepalen waarop de sessie gestart wordt.
- Klikt u op de knop Advanced dan kunt u het tijdstip waarop een sessie dient te starten nader bepalen. Zo kunt u hier bijvoorbeeld instellen dat een sessie om de tien minuten moet starten.
- Wanneer u de schaduwkopiesessie heeft aangemaakt bevestigt u alle vensters door op OK te klikken.
- In het Properties-venster ziet u nu de zojuist gedefinieerde kopieersessie vermeld staan in het keuzevak Shadow copies of selected volume. Door hier de gemaakte sessie te selecteren en vervolgens op de knop Create now te klikken start u de schaduwkopie.
Het zal u duidelijk zijn geworden dat VSS in Windows Server 2003 werkt als een 'snapshot' op bestandsniveau. Het snapshot-principe houdt in dat er automatisch van alle veranderingen van een bestand een kopie wordt opgeslagen. Hierdoor is het dus mogelijk om een oudere versie van een bepaald bestand te herstellen. Het VSS-systeem staat toe, om van elk ingericht volume een schaduwkopie-directory aan te leggen. Per volume kunnen er maximaal 512 schaduwkopieën worden aangelegd. Een schaduwkopie is Read only (alleen lezen, niet schrijven of wissen) waardoor de integriteit van de data verzekerd is.
|