Oasen. Oasen maximaliseert prestaties van haar gevirtualiseerde serveromgeving met 800%

"Windows Server 2012 doorbreekt de performance- en schaalbaarheidslimieten van onze eerste gevirtualiseerde omgeving."

Kenmerken

Bedrijf:
Oasen
Bedrijfsgrootte:
101-250 medewerkers
Partner:
Icento
Branche:
Zakelijke dienstverlening
Producten:
System Center
Windows Server (Hyper-V)
Thema's:
Beheer
IT-infrastructuur
Virtualisatie
Pdf van referentie downloaden »

Eisen

  • minder storingen en downtime
  • verhogen beheergemak
  • groeimogelijkheden van ICT-diensten
  • snellere opslag

Voordelen

  • minder downtime
  • 800% betere prestaties
  • slimme en snelle storage
  • betere Load Balancing
  • goede Disaster Recovery

Drinkwaterbedrijf Oasen heeft veel ervaring met performance en schaalbaarheid van een gevirtualiseerd serverplatform voor ICT-diensten. Vorig jaar virtualiseerde het bedrijf namelijk haar serverplatform met Windows Server 2008. Om een zo hoog mogelijke beschikbaarheid te creëren wil Oasen zoveel mogelijk fysieke servers virtualiseren. Ook aan de schaalbaarheid en prestaties van haar serverplatform stelt Oasen steeds hogere eisen.

Om die redenen is Oasen begin dit jaar succesvol aan de slag gegaan met Windows Server 2012 en de vernieuwingen in Hyper-V R3. Het aantal virtuele servers is inmiddels meer dan verdubbeld, de opslag is aanzienlijk slimmer en efficiënter geregeld en grote hoeveelheden data worden sneller opgeslagen. Met de nieuwe Hyper-V technologie kan Oasen haar downtime nog verder minimaliseren. Bovendien kan Oasen nieuwe ICT-diensten ontwikkelen en deze vanuit de testomgeving migreren, zonder dat gebruikers daar last van hebben.

Situatie
Bij Oasen werken zo’n 250 mensen, tweehonderd met een vaste werkplek en desktop, vijftig met een laptop. De systeembeheerders van de afdeling ICT beheer zijn verantwoordelijk voor de productieomgeving van Oasen, waarin allerlei data worden verwerkt en opgeslagen, van meterstanden tot en met tekeningen van waterleiding-netwerken.

Paolo Staal, systeembeheerder van de afdeling ICT-beheer geeft een inkijk in de productieomgeving: "Sinds de eerste virtualisatieronde met Windows Server 2008 R2 zijn we van VMWare overgestapt naar Hyper-V R3, met als resultaat een productieomgeving van 35 virtuele servers op een cluster van vijf fysieke servers."

Met deze eerste virtualisatieronde heeft Oasen al een flinke slag gemaakt ten aanzien van besparingen op aanschaf en onderhoud. Grote storingen werden eveneens teruggedrongen. Staal: "We willen zoveel mogelijk virtualiseren en de gevirtualiseerde omgeving verder verbeteren met als doel een maximale beschikbaarheid creëren. Hoe beter de beschikbaarheid, des te minder onderbrekingen in onze dienstverlening."

Hij somt een viertal eigenschappen van de Windows Server 2008 R2 omgeving op, die verder verbeterd zouden kunnen worden. "Normaal gesproken kunnen we na het onverhoopt uitvallen van een of meerdere fysieke servers zonder onderbreking verder draaien. Om de taken zo slim en efficiënt mogelijk over de diverse servers te verdelen, het zogenaamde 'Load Balancing /FailOver' of LBFO, maken we namelijk gebruik van speciale NIC Teaming software. Met NIC Teaming worden twee of meer netwerkadapters (NIC's of Network Interface Cards) gecombineerd tot één virtuele adapter. Gaat er iets mis dan treedt een FailOver in werking, waarbij de taken van een uitgevallen NIC automatisch door een andere worden overgenomen.
Niet zo lang geleden echter is het gehele productiecluster omgevallen. De oorzaak was een combinatie van een 'third party tool' met een ontbrekende configuratie-instelling op switchniveau, waardoor onze productieservers niet meer bereikbaar waren. Het zou dan ook - beheertechnisch gezien - beter en gemakkelijker zijn als alle facetten van het LBFO-beheer een integrale functie zouden vormen binnen Windows Server."

Een ander punt betreft de opslag van de enorme hoeveelheden data, die Oasen dagelijks verwerkt. Staal: "Als we de snelheid, waarmee de data in onze gevirtualiseerde omgeving opgeslagen wordt, kunnen verhogen, kan ook onze productiviteit verder omhoog."

Bij Oasen worden in-huis met regelmaat nieuwe ICT-diensten ontwikkeld, die op een gegeven moment in productie genomen worden. Staal: "Als je van 'test' naar 'productie' gaat, mag de lopende productie daar geen hinder van ondervinden. In de gevirtualiseerde omgeving van Windows Server 2008 R2 heb je in zo'n geval te maken met downtime. Vanwege de toenemende afhankelijkheid van onze ICT-diensten is het belangrijk dat die downtime beperkt wordt en zelfs teruggebracht kan worden naar bijna nul."

Met het oog op diezelfde groei leken de begrenzingen van Windows Server 2008 een belemmering te vormen voor Oasen. Staal: "De virtualisatie van Windows Server 2008 R2 ondersteunt per virtuele server maximaal vier virtuele processors en maximaal 64 GB geheugen. Voor onze nieuwe ICT-diensten zullen we meer resources nodig hebben."

Oplossing
Oasen heeft met Microsoft Certified Partner Icento in minder dan een maand een migratie uitgevoerd waarbij Hyper V R3 in gebruik is genomen. Hyper-V R3 is onderdeel van Windows Server 2012. Inmiddels is de IT van Oasen gegroeid naar 84 virtuele servers.

Door de eventuele overcapaciteit van fysieke servers en de verbeterde functionaliteiten van Windows Server 2012 verder te benutten kan Oasen haar virtualisatie optimaliseren. Carlo Schaeffer van Icento complimenteert zijn collega Johan Sleeuwenhoek, systeem-architect bij Icento, die de oude omgeving in slechts vijf avonden naar de nieuwe wist over te zetten: "Met de snelle migratie naar Windows Server 2012 en versie 3 van Hyper-V tilt Oasen haar virtualisatieplatform naar een hoger plan. Liepen we met Windows Server 2008 tegen de limiet van 64 virtuele servers per node en virtuele serverlimieten aan, de schaalbaarheid van versie 2012 geeft Oasen weer ruimte om te groeien." Paolo Staal: " Inmiddels hebben we binnen ons test- en productiecluster meer dan 100 virtuele servers in bedrijf kunnen stellen."

Tijdens de uitrol was een belangrijke rol weggelegd voor System Center 2012. Carlo Schaeffer: “Om een migratie als deze voorspoedig te laten verlopen, is een juiste combinatie van System Center en Windows Server noodzakelijk. Die is: System Center 2012 VMM SP1 én Windows Server 2012. Gebruik je System Center 2012 zonder SP1, oorspronkelijk ontworpen voor Windows Server 2008 R2, dan kun je de oude omgeving niet goed managen.”

Voordelen
In Windows Server 2012 zitten tal van nieuwe 'features' waar Oasen zijn voordeel mee doet. Staal: "De schaalbaarheid van het platform is aanzienlijk toegenomen. Zo is het maximum aantal logische hostprocessors ten opzichte van Windows Server 2008 R2 verhoogd van 64 naar 320 en is er nu ondersteuning voor 2048 virtuele processors. De maximale geheugenruimte per virtuele machine (VM) is van 64GB naar 1TB gegaan. Een cluster kan nu uit een zeer groot aantal VM’s bestaan. Met al die verruimingen geeft Windows Server 2012 ons veel meer bewegingsvrijheid. De grotere schaalbaarheid in het toekennen van geheugen is bijvoorbeeld van groot belang voor onze SQL servers."

Voor het Load Balancing/FailOver-beheer beschikt Windows Server 2012 over NIC Teaming functies. Staal: "De integratie van NIC Teaming in Windows Server 2012 is zeer welkom omdat aparte adapters en software van derden niet meer nodig zijn. Dat scheelt weer een 'complexiteit', denk alleen maar aan supportvragen inzake LBFO aan hardwareleveranciers."

Ook de ondersteuning van Virtual Fibre Channel is een belangrijk voordeel voor Oasen. Staal: "Waar we echt op zaten te wachten is een techniek om grote hoeveelheden data sneller op te slaan. De nieuwe Virtual Fibre Channel eigenschappen binnen Hyper-V R3 beantwoorden aan onze eis. Met deze techniek gaat de snelheid van dataopslag in onze gevirtualiseerde omgeving met 800% omhoog ten opzichte van iSCSI. Er moet daarbij wel gezegd worden dat hier nog een mogelijk probleem ligt in de firmware van ons opslagsysteem."

Schaeffer: “Op storage-gebied heeft Windows Server 2012 nog meer nieuwe elementen, waaronder ODX (Off loaded Data Transfer). Microsoft introduceert hiermee een nieuwe 'data transfer'-technologie, die je de mogelijkheid biedt om veel flexibeler met je storage om te gaan.”

Een van die nieuwe functies waar Oasen dankbaar gebruik van maakt, is Live Storage Migration. Paolo Staal hierover: “Met Hyper-V R2 hadden we reeds een productie- en OTA- (Ontwikkel, Test en Acceptatie) cluster gerealiseerd. Daarmee was het echter niet eenvoudig om data vanuit OTA naar productie te verplaatsen of data naar andere opslagvolumes te verhuizen. In het nieuwe Hyper-V R3 cluster is dit nu een standaardfunctie." Carlo Schaeffer van Icento licht dit toe: “Hyper-VR3 stelt Oasen in staat om de opslag van de virtuele machines in verschillende clusters te plaatsen, zowel in een testomgeving als in een productieomgeving. Met Live Storage Migration kun je een virtuele machine eenvoudig van de ene disk naar een andere overzetten, terwijl deze nog draait. Op die manier kun je een testomgeving eenvoudig en zonder downtime naar de productieomgeving overzetten.”

In combinatie met System Center 2012 blijkt Windows Server 2012 Oasen nog meer voordelen te bieden. Staal: "Met System Center 2012 is de gehele serverfarm vanuit een centraal punt te beheren. Het is heel gemakkelijk om met System Center 2012 je taken uit te voeren, zoals bijvoorbeeld de ingebruikname van een nieuwe server. Met behulp van templates hebben we zo'n server binnen een klein uur operationeel.
Het clusterbeheer doen we met System Center Virtual Machine Manager (VMM) 2012. Met VMM kunnen we onder andere meerdere Virtuele Machines tegelijk gemakkelijk naar andere servers migreren. Moeten we bijvoorbeeld onderhoud aan server 1 plegen, dan maken we deze nu gewoon helemaal leeg. Is het onderhoud gereed, dan zetten we de VM’s weer in hun geheel over, dat gaat met VMM allemaal vrij snel."

Op dit moment worden de nieuwe mogelijkheden van Windows Server 2012 nog niet allemaal door Oasen benut. Staal: "Neem bijvoorbeeld de replicatiemogelijkheden van Hyper-V R3. Vroeger moest je ingewikkelde en kostbare clusteroplossingen verzinnen om de systemen te kunnen repliceren, zodat je daar in geval van nood op terug kon vallen. Met Hyper-V Replica, dat nu standaard in Windows Server 2012 zit, kun je veel gemakkelijker op zo'n 'disaster recovery' anticiperen en deze ook veel eenvoudiger uitvoeren. Hyper-V Replica kan op een tweede locatie een complete kopie onderhouden van onze gehele gevirtualiseerde omgeving. Als we daar in geval van nood een beroep op moeten doen, kost het hooguit een uur data-verlies om de kopieomgeving terug te zetten. Ik voorzie dat dit voor Oasen het vaste scenario kan worden voor eventuele disaster recoveries. Dit is echt een hele interessante nieuwe functie.”

Nu het vernieuwde virtualisatieplatform gerealiseerd is, staat Oasen niets meer in de weg om haar IT verder uit te bouwen en nog meer toegevoegde waarde te leveren richting haar business.

 

Gerelateerde referenties

  • Skon kinderopvang Skon bedient meer dan 200 kinderdagverblijven via geheel gevirtualiseerde, centraal beheerde serveromgeving
    Lees verder »

  • ING Bank verlaagt de kosten en verbetert IT Agility met Private Cloud en Server Upgrade
    Lees verder »

  • RDOG Hollands Midden reduceert serverpark met 33% dankzij consolidatie en Hyper-V
    Lees verder »