Om de belangrijkste Windows gebruikersbestanden te kopiëren neemt u de volgende opdrachtregels over in uw batchbestand:
Robocopy c:\ Documents and Settings\<naam>\Mijn documenten d:\backup\<naam>
Dit is natuurlijk het meest simpele batchbestand dat er is. Het bestand kopieert alle persoonlijke bestanden, die zich op de systeemschijf bevinden van de actieve gebruiker naar de map backup op de d: schijf.
Om de backup-routine via het batchbestand verder naar uw hand te zetten, kunt u in de sectie 'Copying NTFS Security Information' van Robocopy.doc nalezen welke parameters u nodig heeft. De belangrijkste parameter is /secfix. Daarmee kunt u toegangscontrolelijsten, ACL's voor het NTFS-bestandssysteem kopiëren voor bestaande bestanden die niet zijn gewijzigd.
Zo zou u ook de parameter /S aan de opdracht kunnen toevoegen; dan zal het batchbestand alle bestanden en submappen, behalve de lege mappen, mee kopiëren. Handig is ook de parameter /ZB, om ook geopende bestanden te kopiëren.
Robocopy c:\ Documents and Settings\<naam>\Mijn documenten d:\backup\<naam> /s /zb
Om er zeker van te zijn dat Robocopy alle bestanden heeft gekopieerd die het moet kopiëren, is het handig een logboek aan te leggen. Dit kunt u doen door aan het batchbestand de volgende parameters op te nemen:
/Log+:”c:\backup_ed.txt”
Robocopy zal nu een verslag bijhouden van de backup in het bestand backup_ed.txt. Mocht u nog andere bestanden willen kopiëren dan dient u gewoon een extra regel aan het batchbestand toe te voegen.
Het batchbestand moet de bestandsnaamextensie .cmd krijgen. De naam kunt u natuurlijk zelf verzinnen, al is het verstandig om het batchbestand een naam te geven die de lading dekt. U kunt het bestand starten door op het bestand te dubbelklikken. top |